Duizend meter boven de zee, verstopt achter de bossen en bergen van het nationaal park, dicht bij de Boheemse grens, heeft het verleden een reservaat gevonden: het openluchtmuseum Finsterau.
Uit het hele Beierse Woud zijn hier boerenhuizen, volledige boerderijen, een dorpssmederij en een straatherberg verzameld. In de openlucht wordt een begaanbaar stuk verleden realiteit tentoongespreid.
Geen paradijs, geen idylle! Het dagelijkse leven van de boeren en dagloners in het Beierse Woud was moeizaam. Vrije tijd, vreugde en schoonheid waren zelden en kort. Deze mensen hebben een bloeiende rozenstruik, een bont geweven doek, een geschilderde kast met andere ogen gezien. Opdat wij deze ogen nog een keer mogen lenen, zijn in het openluchtmuseum Finsterau alle voorwerpen in hun oorspronkelijke samenhang gebracht: het kleine en het grote, het nieuwe en het geflikte, het grove en het mooie. En alles heeft zijn "gezicht" behouden, de sporen van de tijd: de blank gepoetste deurklink, de versleten drempel, het vieze handvat van de ploeg, het lap op de houthakkersjas.
|